Home Muzikrantje September 2011
September 2011
Ten geleide

Het is weer gelukt om een mooi Muzikrantje samen te stellen ondanks de vakantie. Alleen de wistjedatjes zijn een beetje opgedroogd. Natalie schreef over haar indrukwekkende reis naar de Wereld Jongeren Dagen in Madrid en Hub over zijn vakantie naar “the Highlands in Schotland”.
Natuurlijk is er weer een mooi geschreven impressie van ons Themaconcert door Jean met bijbehorende fotocollage door Christie.
Jan schreef een mooi verhaal over het orgel de “koningin der (blaas)instrumenten”.
Inzenders bedankt en lezers veel leesplezier toegewenst.
Oproep aan alle leden die op kamp gaan om het volgende Muzikrantje te vullen met verhalen en foto’s over jullie belevenissen.

Bijdragen voor het volgende nummer graag voor half november bij de redactie inleveren.  

Agenda

  • Vrijdag 30 september Jubileumreceptie
  • Zondag 2 oktober Steinder Muziektreffen Urmond Drumband
  • Zondag 9 oktober Steinder Muziektreffen Urmond Fanfare
  • Vrijdag 11 november Sint Maartensoptocht en tevens opening Carnavalsseizoen
  • Zondag 13 november Opluistering Sint Martinusmis
  • Zaterdag 19 november Intocht Sinterklaas
  • Zaterdag 26 november Sint Ceciliafeest
  • Vrijdag 2 december Concert Jeugdorkest

Wereldjongerendagen 2011

Een van deze Limburgse deelnemers was Natalie Penders. Lees bijgaand haar verhaal over deze unieke belevenis.
Hallo, ik ben dit jaar naar de Wereld Jongeren Dagen in Madrid geweest. Hiervoor werd vanuit bisdom Roermond een aantal reizen georganiseerd o.a. een vliegreis van 12 tot 21 augustus en een busreis van 5 tot 26 augustus. Ik ben met de 3 weken durende busreis mee geweest. Deze reis stond buiten de WJD zelf in het teken van karmelietessen.
Om 8:00 uur, na een Heilige Mis, vertrokken we vanuit Echt. Er werd gekozen voor Echt vanwege Edith Stein die in de Tweede Wereldoorlog is gevlucht van Keulen naar Echt. Zij trad in 1934 in bij de orde van de ongeschoeide Karmelietessen in Keulen. Vanuit Echt gingen we naar Lisieux, de na Lourdes grootste bedevaartsplaats van Frankrijk. Hier hebben we kennis gemaakt met Theresia van Lisieux die kloosterzuster in de Orde van de ongeschoeide Karmelietessen was.
We hebben tussendoor een dagje D-day stranden gedaan, dit was een hele mooie belevenis en ook een echte aanrader om eens te gaan bekijken. Hierna vertrokken we naar Nevers waar Bernadette ligt. De dag erna vertrokken we naar Lourdes. Ik was nog nooit in Lourdes geweest dus vond ik anderhalve dag wel erg kort, maar ondanks de korte tijd hebben we toch veel gezien en ik wil graag nog een keer terug gaan. Toen gingen we naar Avila waar het voorprogramma van de WJD voor ons en nog duizenden jongeren plaatsvond.
Na 5 warme dagen was het zo ver, op naar Madrid. In Madrid sliepen we in een grote sporthal gezamenlijk met bisdom Breda, Haarlem-Amsterdam, Rotterdam (waaronder een gebedsgroep Surinamers), Groningen-Leeuwarden en Roermond zelf natuurlijk. ’s Morgens kon je tot half negen ontbijt halen, dat over het algemeen uit een koekje/cakeje en een pakje drinken bestond en daarna mocht je zelf met de metro naar de catechese locatie gaan. Iedereen had een metro kaartje gekregen om de hele week gratis te reizen. Om 10:00 uur begon de catechese en daarna de Heilige Mis en tussendoor was er nog een klein uurtje om met je deelgroepje de catechese te bespreken. Ondertussen was het al 14:00 uur en mocht je zelf op zoek gaan naar een van de tienduizenden eetlocaties, wat nog niet zo makkelijk was met twee miljoen andere jongeren met hetzelfde doel. De rest van de dag had je vrij en mocht je Madrid verkennen, als je maar om 24:00 uur terug was want dan gingen de poorten dicht. Dit was het vaste gedeelte van de dag en dan was er natuurlijk tussendoor nog de openingsmis, de aankomst van de paus (wat een superervaring was alleen al om hem op doek te zien), de kruistocht, de avondwake en slapen op het veld met zondagochtend de afsluitende Eucharistieviering met Paus Benedictus  ??? .
De dag erna vertrokken we naar Barcelona waar we jammer genoeg maar één halve dag hadden, omdat we in de ochtend al naar Monserat waren geweest. Een plaatsje hoog in de bergen met heel mooi uitzicht en de toppen van de bergen zijn mooi gevormde rotsen. Onze laatste bestemming was Taizé vanuit daar zijn we ook naar de abdij van Cluny geweest. Hierna zijn we naar de patroon heilige van alle priesters van Frankrijk geweest, Jean Marie Vianney, de pastoor van Ars. Al met al was deze reis erg afzien maar ook een hele mooie belevenis en een ervaring voor het leven.  Over twee jaar is de volgende WJD in Rio de Janeiro in Brazilië.                                               Natalie Penders

Highlands Schotland.
Ik schrijf dit stukje om jullie mee te laten genieten van een prachtig land dat ik eind mei, begin juni heb bezocht op de motor met nog 3 brandweer collega’s.
Elk jaar maken we een motorrit wat verder weg van huis. Als je weer terug bent ga je al weer zoeken naar een bestemming voor het komende jaar. In de winter zaten we weer bij elkaar en gaf ik een voorzet om eens naar Schotland te gaan. We hoorden er van alles over. Te gek land, mooie routes, heel wisselvallig weer en ga zo maar door. Ik moet zeggen dat het allemaal klopt en zeker het weer. Hou op man, wat een ellende. Je krijgt wat je wil. Na de carnaval werden er routes gemaakt wat heel erg leuk is en zeker met de navigatie, een gemak heden ten dage. Het begon steeds meer te kriebelen en zeker als je dan ook nog bij onze Fanfare het stuk speelt van de Hymn of the Highlands. Op vrijdag 27 mei was het zover. Na een stevig ontbijt (spek met eieren) gingen we richting Ijmuiden waar we in de namiddag moesten inchecken. De eerste regenbui kregen we al over ons heen bij Weert. Tegen drie uur waren we in IJmuiden en we konden na een half uur wachten de boot op. De motor vastzetten met spanbanden en op naar je hut.
De overtocht verliep vlekkeloos en ´s morgens om 09.30 uur gingen we aan wal. Het was bewolkt maar droog. Het links rijden gaat perfect. Het is alleen even opletten wanneer je getankt hebt.  
De rit van vandaag was erg lang (430 km) naar Fort-William aan de westkust. Eerst een stukje Engeland en dan onder langs Edinburgh (Schotland) naar Fort-William. Hoe dichter we bij de eindbestemming kwamen hoe slechter het weer werd maar hoe mooier de omgeving. Inmiddels hadden we al een stuk of vijf stortbuien over ons heen gehad maar dat maakt dan niets meer uit. Het landschap vergoedt alles. We zaten nu echt in de Highlands. We zijn een bergpas overgestoken wat uniek te noemen is. Het was zo mistig op 600 meter hoogte dat je de voorganger niet eens zag, laat staan de weg. Stapvoets en opletten dat je niet omvalt met een stijgingspercentage van 25%. Het is werkelijk fenomenaal om mee te maken.
Tegen de klok van vijf kwamen we aan in ons hotel wat we van tevoren geboekt hadden. De rest van de overnachtingen waren Bed and Breakfast. Deze zijn overigens in dit land voldoende voorhanden. De volgende dag verder door de Highlands richting Rivendell Shieldaig. Het weer was redelijk op een buitje na. Onze slaapplaats wat moeilijker te vinden maar is uiteindelijk toch gelukt. Vanuit onze slaapkamer een prachtig uitzicht over het meer. De eigenaar vertelde over de mythe en het ontstaan van het eiland in de midden. In de volksmond werd het de haringbaai genoemd. Al deze meren staan in verbinding met de zee, dus allemaal zoutwater. Na een stevig ontbijt, je raadt het wel, spek met eieren, worstjes, witte bonen, tomaat gegrild, champignons en brood. Als je dit naar binnen hebt gewerkt kun je er even tegen. Op naar Ullapool. Een prachtig vissersdorpje met erg vriendelijke mensen. We hadden direct een onderkomen bij twee zeer authentieke mensen. Je stapte zo maar even 50 jaar terug in de tijd. Het was er zo mooi en het weer was droog en zonnig. Alleen de temperatuur liep terug naar 8 graden. Bij ons in Nederland was het toen 25 graden. Je kunt het je niet voorstellen. Toen we ‘s morgens weer aan het ontbijt zaten, zwommen de zeehondjes in de haven rond. Een geweldige ervaring om mee te maken.
We zaten al vrij ver in de Highlands en het landschap veranderde van groen naar rotsachtig en dor. Overigens reden we steeds van de hoofdwegen weg en via de single-roads lang de kust omhoog. Je ziet alleen maar water, bergen en schapen. Deze schapen lopen gewoon los en met je motor moet je er tussen door. Ze kijken er helemaal niet meer van op. Op een gegeven moment stond een gigantisch bakbeest voor ons. Deze lopen ook los. Een Highlandse bull. Zijn horens zijn behoorlijk. Prachtige beesten zijn het en jij tuft erlangs. We zijn bijna in de kop van Schotland bij het plaatsje Durness. Het is moeilijk om een slaapplaats te krijgen en na lang zoeken toch weer succes. Het weer werd steeds slechter. De harde wind is op de motor ongelofelijk. Dit hadden we al vanaf onze eerste bestemming. Windkracht 6 is er vrij normaal vertelden ons ingewijden. Tijdens ons avondeten raakten we aan de praat met twee Nederlandse dames van in de zestig die met hun tweeën onderweg waren. Later schoof daar nog een Schot bij waar we ontzettend mee gelachen hebben. In de nacht werd ik wakker van de harde wind en de regen. Ik ben nog opgestaan om naar de motoren te kijken of ze nog recht stonden. Het was er bar slecht weer. Terug in bed slaap je niet echt meer en bij daglicht was het verschrikkelijk. Op dat moment sneeuwde het, weliswaar natte sneeuw maar toch. Het was er twee graden. Geen van ons had na het ontbijt zin om op de motor te stappen. Soms moet je hard voor jezelf zijn en toch gaan rijden. Tijdens deze rit hebben we alles gehad qua weer wat je maar kunt opnoemen. Het was verschrikkelijk maar mooi. Via het meer van Loch Ness, ik heb Neske niet gezien, reden we naar Inverness.
Het weer werd steeds beter en warmer. Met de Highlands achter ons was het net of we weer in het zuiden van Limburg reden. De bergen lager, weer alles mooi groen en een heel ander uitzicht. Inverness is een mooie stad met veel winkels en pubs. In deze pubs zijn vaak live optredens. In een van de pubs waar wij waren was een bandje aan het spelen en op een gegeven moment begon er een op een doedelzak te spelen. Wat is dit toch mooi. Tegen 11 uur is alles afgelopen en kun je naar bed. Tijdens het ontbijt bespraken we de dag waar we naartoe gingen en de route. Dit deden we elke ochtend.
Een collega van ons houdt ontzettend van whisky, en had dan ook diverse adressen uitgezocht. Het werd Pitlochry. Hier is een Blair Atholl distilleerderij. Deze maken malt whisky. Toen we weer een slaapplaats hadden gevonden gingen we lopend naar de brouwerij als je het zo mag noemen. Na een gedegen rondleiding was het moment aangebroken om die lekkere whisky te proeven. Het is inderdaad erg lekker. Na wat flessen gekocht te hebben gingen we terug naar ons onderkomen. In de tussentijd waren er nog enkele motorrijders uit Rotterdam bij ons aangekomen. Na het eten zijn we nog naar een pub gegaan waar live muziek was. Na wat vocht te hebben gehad weer terug om uit te rusten voor de laatste dag in Schotland. Na een stevig ontbijt gingen we op weg via Edinburgh, waar we een stop onder bij de haven maakten om nog wat te eten en te drinken. Er was een enorme brand onder bij de brug bij een chemisch bedrijf. Een tankwagen was ontploft. Gigantisch rookpluimen dreven richting Edinburgh. Je rook het op grote afstand. Om ongeveer half vier waren we in de haven van Newcastle om weer aan boord te gaan van ons bootje. Er waren weinig motorrijders deze keer maar wel veel jongeren die een dagje Amsterdam wilden doen. Tijdens de heel erg rustige overtocht, was het aan boord een groot feest. Het leek wel carnaval. Alle jongeren waren verkleed in de gekste outfits. Leuk om mee te maken. In de ochtend om negen uur kwamen we weer aan in IJmuiden.  Nog goed 235 km en we zijn weer thuis. Rond de klok van vijf waren we in Steinerbos waar we gezamenlijk nog even hebben nagetafeld. Het was een enerverende week geweest met zeer afwisselend weer en een schitterend land met ontzettend veel variatie. Een aanrader als je niet weet waar je heen wilt. De Highlands of Scotland zijn adembenemend. Een supertocht.
Hub Vaessen

Themaconcert RIDDERS EN KASTELEN.
Op de eerste zondag van juli is overal wel wat te doen. Zo bruist Geleen dan omdat het daar Doedag is en in Stokkem marcheren de schutters door de straten vanwege het OLS. Toch hadden veel mensen de weg naar de fanfarezaal weten te vinden voor het inmiddels befaamde themaconcert van St. Martinus want DAN IS ALTIJD SPEKTAKEL IN DE ZAAL. En zo ook deze middag.
Vanmiddag mochten we als speciale gasten welkom heten onze ere-dirigent dhr. August Thissen en zijn vrouw. Met August Thissen ging fanfare St. Martinus in de jaren 70 en 80 7 keer op concours (4 keer bondsconcours en 3 keer wimpelwedstrijd). Op alle concoursen werd een eerste prijs met lof der jury behaald en twee keer werd de fanfare zelfs landskampioen. Een geweldige prestatie.
Het themaconcert van deze zondagmiddag stond geheel in het teken van “Ridders en Kastelen”.  Daar vaste explicateur Frans Bergers in Maastricht voor L1 de Heiligdomsvaart moest becommentariëren, werd Piet Janssen bereid gevonden het programma te introduceren aan het publiek. En hij deed dit op sublieme wijze.
De drumband opende de concertmiddag. De leden waren, zeer toepasselijk, uitgedost als schildknaap, ridder, jonkheer, jonkvrouw of hofdame. De meest angstaanjagende verschijning was hun leider, Ridder Roy van Wersch. Hij had zich voor deze gelegenheid helemaal in het ijzer gegooid en dirigeerde zijn troepen niet met een dirigeerstok maar met een kromzwaard.
Ons slagwerkensemble opende met Alnwich Castle. Het werk werd eerst uitvoerig voorbesproken door Piet. Tijdens de uitvoering kregen de luisteraars enkele mooie foto’s te zien van het betreffend kasteel. De combinatie van ritmisch en melodisch slagwerk verklankte mooi de grootheid van Alnwich Castle. In dit werk bespeelde jonkvrouwe Marcia een echte middeleeuwse touwtjestrom. Als tweede werk bracht onze “drumband” het werk “Erecode” van G. Prince. Een hele mooie mix van melodisch en ritmisch slagwerk met een zeer verrassend einde.
Meest opvallend in dit werk was de solo-passage voor 5 grote gekantelde trommen.  Het volgende werk, “Festiva” van Ralf v.d. Berg, schilderde hoe muziek in die donkere dagen toch nog wat feestvreugde kon brengen in zo’n koud kasteel. Het werk “Uomo con verde calzoni” (de man in de groene maillot) ging natuurlijk over Robin Hood en was voor ons slagwerkensemble bewerkt door Ridder Roy himself. Piet kondigde het al aan als een avontuurlijk en romantisch werk. Ja, en opeens klonk daar………………….”(Everything I do) I do it for you”, de herkenningsmelodie uit de OST (Original Soundtrack) van de film “Robin Hood, Prince of Thieves”, ooit een wereldhit van Bryan Adams. Het slagwerkensemble sloot zeer verrassend af met “Folkfestival” van Shostakovic. Ik kreeg een spontane zweetlozing toen ik het hoorde want gelijk moest ik denken aan de fanfare-uitvoering waarin we op onze bugels al die noten binnen 50 seconden moesten zien af te rammelen. Dit slagwerkwerk was net zo virtuoos. De stokken vlogen over de marimba’s, xylofoons en klokkenspelen. Een geweldige uitsmijter van ons slagwerkensemble. Het was weer KLASSE!

Na een korte pauze was het de beurt aan het jeugdorkest, de schildknapenafdeling van de fanfare, aangevuld met enkele volleerde ridders. Allen gekleed in stemmig zwart en sinds kort onder leiding van maestro Mike Mevissen, kersverse vader van Noor. Het jeugdorkest had maar één werk op het programma gezet, en wel “Dream of Kings”, een medley van bekende melodieën. Het geheel begon met een eenzame blazer achter op de buhne. Hij speelde als intro het thema uit “Lord of the Rings” waarna de hele groep dit overpakte. Het werk was zeker geen niemendalletje maar een fikse muzikale kluif voor deze junior muzikanten. Links en rechts zag je ouderen enkele aanwijzingen geven en hulp bieden maar voor 96% deden de jongeren het helemaal zelf. Verrassend was de diagonale opstelling van het orkest waardoor men alle hoeken van de zaal beter kon bereiken. Ook werden door meerdere jonge musici de eerste voorzichtige solistische stappen gezet. Dit om de plankenkoorts zo snel mogelijk te overwinnen. Het jeugdorkest ontwikkelt zich op deze wijze steeds meer tot een perfecte leerschool voor de jonge muzikanten. Grote pluim aan orkest en dirigent Mike.
Na het tweede intermezzo volgde de fanfare. Zij waren helaas niet in wapenuitrusting verschenen, zoals het slagwerkensemble. Ik had enkele heren wel eens in harnas willen zien. “Pastime with good company” was het eerste werk, geschreven door Henri VIII, de Ladykiller himself. Het werk begon met het middeleeuwse rode trommeltje van jonkvrouwe Marcia (zie slagwerkensemble). Zeer hoofs maar halverwege overgaand in een swingendere versie en uitmondend in een majestueus hoogtepunt. Waarom moest ik toch de hele tijd denken aan “Pirates of the Caribbean”? Het tweede werk was “Hymn of the Hyghlands”. Hierover heb ik al zeer uitvoerig en lyrisch bericht in mijn verslag van het lenteconcert (zie vorig Muzikrantje). Ik heb hier dan ook geen aantekeningen over gemaakt en alleen maar geluisterd, genoten van de mooie foto’s op het grote scherm en me afgevraagd of ik dit jaar misschien toch weer met vakantie naar Schotland zal gaan. Het middenwerk werd “Canterbury Choral” van Jan van der Roost. De compositie klonk net zo majestueus als de kathedraal zelf, mooi visueel ondersteund door beelden van het imposante interieur van Canterbury cathedral. Dank aan degenen die deze en de andere visuele presentaties gemaakt hebben. Het voegde echt iets toe aan dit concert. Als voorlaatste werk dan “Fulco de minstreel” van L. Vliex. Ook dit werk hebben we reeds beluisterd tijdens het lenteconcert maar nu had men gezorgd voor iets extra’s. Vooraf kregen we een uitgebreide geschiedenisles door Piet, waarin hij vertelde welke belevenissen verklankt worden in dit werk en wie welke rol hierin had. Daarna konden we genieten van een prachtige historische kostuumfilm (met happy end) waarin de rollen werden gespeeld door de jeugdige muzikanten zelf. Dit alles met muzikale ondersteuning van de fanfare. GEWELDIG!!! Terecht een groot applaus voor het orkest en vooral voor de acteurs. De concertmiddag werd zeer toepasselijk afgesloten met de mars “Castle Coch”.
Het was wederom een zeer geslaagde concertmiddag. Ga zo door. Helaas zijn er voor de muzikanten maar weinig gelegenheden dit ook eens ergens anders te laten horen en vooral zien. Zet daarom de visuele ondersteuning in bij ieder concert, waar dan ook. Ik weet dat vele toehoorders aangenaam verrast zullen zijn.                                                  Jean Tholen  


Het orgel.
Het onlangs door Woningstichting Urmond georganiseerde Vaderdagconcert in de protestante kerk (19 juni) vormt een gerede aanleiding om eens stil te staan bij een blaasinstrument dat bij ons in de fanfare niet erg bekend is en dat toch de erenaam draagt ‘koningin der (blaas)instrumenten”. Ik bedoel het orgel, dat in velerlei vormen en uitvoeringen al vanaf de vroege middeleeuwen in West Europa gebruikt wordt en nog steeds een voorname plaats bekleedt in kerken en concertzalen.
De oorsprong van het orgel is een simpele fluit. De panfluit met zijn vaste pijplengte en zijn aaneengeschakelde pijpen lijkt al enigszins op een orgelfrontje. Door een aantal pijpjes op een langwerpige doos te plaatsen met opzij een mondstuk en onder elke pijp een klepje aan te brengen had men al een primitief orgel. Je kunt het vergelijken met de melodica van tegenwoordig. Door het aantal pijpen uit te breiden ontstond een situatie waarbij de menselijke longen niet meer genoeg wind konden leveren om het orgel aan de gang te houden en ging men zoeken naar een mechanische oplossing. Die vond men door het construeren van de balg: twee scharnierend aan elkaar verbonden planken met daartussen een leren zak. De balg werd bediend door de orgeltrapper.
Alle onderdelen die nodig zijn om het orgel te laten werken zijn nu in principe aanwezig. Dat zijn:
De pijpen.
De doos waarop de pijpen staan: de windlade.
Het mondstuk waardoor de pijpen worden aangeblazen: de kanalen.
De balg, die zorgt voor de windvoorraad en de juiste druk.
De klepjes die de windtoevoer naar de pijpen afsluiten: de ventielen.
De hefboompjes om die ventielen te openen en te sluiten: de toetsen.

De eerste orgels hadden geen registers waarmee rijen pijpen in- en uitgeschakeld kunnen worden. Om toch meer variatie te krijgen bouwde men achter de speler een tweede orgel ‘rugpositief’ geheten en soms werd er een tweede of derde orgel boven het eerste opgesteld, ‘bovenwerk’ genoemd. Ook werd rond 1470 het pedaal uitgevonden waardoor de baspijpen met de voeten konden worden gespeeld, zodat men de handen vrij had voor het manuaal.
Na 1500 voerde men de registers in: rijen pijpen om zo allerlei klankkleuren te bereiken door in- en uit te schakelen van die registers.
Het orgel ontwikkelde zich naar een hoogtepunt dat omstreeks 1750 bereikt werd (tijd van Bach en Händel). Daarna werd geprobeerd het orgel aan te passen aan de eisen van de tijd en veranderende smaak door allerlei technische ‘verbeteringen’. Tegenwoordig keert men in de orgelbouw terug naar de mechanische orgels uit de bloeitijd. Alleen de electrische windmachine blijft gehandhaafd, in plaats van de orgeltrapper van vroeger.
Een organist kan in theorie met een redelijk uitgerust orgel een harmonie- of fanfarewerk vertolken (zonder slagwerk). Hij heeft daarvoor alleen zijn tien vingers en twee voeten nodig.

In de praktijk worden kerkorgels bijna alleen gebruikt ter opluistering van de eredienst. Dat het ook anders kan bewees organist Theo Hes op 19 juni in Urmond. Hij gaf een schitterend concert met trompettist Jacques Sanders, waarbij de mogelijkheden van dit kerkorgel volledig tot hun recht kwamen. Dat vergde wel enige voorbereiding, want het orgel is niet in optimale vorm en is dringend aan restauratie toe.
Het orgel is in 1879 geschonken door de Prinsen Frederik en Hendrik van Oranje-
Nassau (zonen van Koning Willem III) en werd gebouwd door Gebr. Franssen uit Roermond.

Het bevatte een manuaal en een pedaal. In 1976 werd het orgel gerestaureerd door Vermeulen uit Weert. Hierbij werd ook een windmachine geïnstalleerd.
Er is een mogelijkheid om het orgel te bezichtigen en een demonstratie mee te maken. Daarvoor dient men zich op te geven aan de koster, ons bestuurslid Gerrit Smeets.                            Jan Mennen


Gefeliciteerd

Onze jarigen van september, oktober en november:

2 september    Paul Hendrix
4 september    Math Cremers
5 september    Maud Lacroix, Hen Vaessen
9 september    Niels Hendriks
16 september    Martijn Hellenbrand
23 september    Rim Smeets
30 september    Gilian Hubers
21 oktober    Charles Gelissen
23 oktober    Jos Hellenbrand
29 oktober    Daphne van Erp
2 november    Joëll Stassen
3 november    Floor Kranenpoot
4 november    Tom van der Werf
6 november    Rens Verbeek
19 november    Nico Knops
24 november    Wim Vaassen, Jacques Vaassen
26 november    Elly de Bruin


De firma Meulenberg met haar 90-jarig bestaan

Bart en Lucinda Smeets met de geboorte van Lyna en Milou


Wist je dat......

  • Gerrit geholpen is aan zijn heup?
  • Hij gelukkig alweer vrolijk rondhuppelt en zijn kruk gebruikt voor andere zaken?
  • De vakantie voor fanfare/drumband erg lang heeft geduurd?
  • De wistjedatjes daarom maar beperkt zijn?
  • Christie blij is dat ze nog een bruikbare tuba heeft?
  • Toen zij een klapper van de boekenplank pakte deze losschoot en de plank met alle boeken op de grond viel?
  • Precies op de plek waar normaal de tuba staat?
  • Deze wegens de vakantie veilig opgeborgen was in het koffer?
  • Nu alleen de pupiter een beetje scheef stond en ingezakt was?
  • Deze gemakkelijk weer recht te buigen was?
  • Ze de tuba niet meer op deze plek neerzet?
  • De vakantie blijkbaar nog niet lang genoeg was geweest?
  • Er veel muzikanten ontbraken op de eerste repetities?
  • Nic zijn draai niet kon vinden de eerste repetitie na de vakantie?
  • Hij maar op en neer bleef rennen totdat Jos hem hierop aansprak?
  • Hij hierdoor zijn inspiratie helemaal kwijt was?
  • Niels zo hard moet hameren op de buisklokken dat hij wellicht oordopjes nodig heeft?
  • Maurice als “lustige” leider te boek wil komen te staan?
  • Hij het raspen van een komkommer beter kan overlaten aan zijn vrouw?
  • Wij een nieuw volkslied over de `Maaskentj` gaan uitvoeren?
  • De componist nog even op zich laat wachten?
  • We met alle Steinder muziekverenigingen dit volkslied op de CD gaan zetten?
  • Een delegatie van de fanfare heeft meegedaan aan het verenigingsschieten van de schutterij?
  • Ze volgens de redactie geen hoofdprijs hebben gewonnen gezien de ruchtbaarheid over dit gebeuren?
 

Agenda

17.06.2012 Themaconcert ...

Advertenties

Banner
Banner
Banner